Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4

Artikel 22

Weigeringsgronden

Onderdeel van Verordening voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Waterland 2007

1. De aanvraag voor een woonvoorziening wordt geweigerd indien: de noodzaak tot het treffen van de woonvoorziening het gevolg is van een verhuizing waartoe op grond van belemmeringen bij het normale gebruik van de woning  geen aanleiding bestond en er geen andere belangrijke reden aanwezig was; de aanvrager niet is verhuisd naar de voor zijn of haar beperkingen op dat moment beschikbare meest geschikte woning, tenzij vooraf schriftelijk toestemming is verleend door het college; deze betrekking heeft op voorzieningen in gemeenschappelijke ruimten anders dan automatische deuropeners, hellingbanen en extra trapleuningen. Voorzieningen aan gemeenschappelijke ruimten kunnen slechts worden toegekend indien zonder deze woningaanpassing de woonruimte ontoegankelijk blijft voor de aanvrager en indien een beroep op de eigenaar van de woning geen resultaat heeft gehad; aanvraag voor een woonvoorziening krachtens artikel 18, onderdeel a, wordt geweigerd indien de aanvrager voor het eerst zelfstandig gaat wonen, verhuisd is vanuit of naar een woonruimte die niet geschikt is het gehele jaar door bewoond te worden, verhuisd is naar een AWBZ-instelling of een andere instelling gericht op het verstrekken van zorg, of er in de verlaten woonruimte geen problemen met het normale gebruik van de woning zijn ondervonden. De woonvoorziening kan geweigerd worden indien op basis van leeftijd, gezinssituatie of woonsituatie te voorzien was dat deze voorziening noodzakelijk zou zijn en er geen sprake is van een onverwacht opgetreden noodzaak.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel