Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 15:3:0:5

Vergoeding piketdiensten alarmering

Onderdeel van CAR/UWO

De ambtenaar op wie de verplichting rust zich buiten de voor zijn betrekking vastgestelde werktijden volgens dienstrooster beschikbaar te houden voor piketdiensten alarmering, heeft aanspraak op de vergoeding genoemd in artikel 3:1:1:21 lid 1 van de CAR-UWO. De aanspraak op vergoeding vervalt op het moment en voor de duur dat een ambtenaar (tijdelijk) niet in staat is om in evenredigheid deel te nemen in het rooster, bijvoorbeeld als gevolg van langdurige ziekte of zwangerschapsverlof. In de situaties, genoemd in artikel 15:3:0:3 lid 3 en lid 4, waarbij het rooster wordt aangepast aan het aantal beschikbare ambtenaren, zal de vergoeding als bedoeld in lid 1 - indien nodig worden herberekend. Geen aanspraak op vergoeding heeft een ambtenaar bij wie bij de vaststelling van zijn bezoldiging of anderszins bij de regeling van zijn rechtspositie, met een vergoeding in verband met het verrichten van piketdiensten alarmering rekening is gehouden. Voor de tijd dat een ambtenaar tijdens een piketdienst alarmering na melding van een incident arbeid verricht in het kader van de crisisbeheersing, alsmede voor het op locatie verrichten van taken in het kader van de crisisbeheersingsorganisatie, ontvangt deze een overwerkvergoeding overeenkomstig artikel 3:2:1 van de CAR-UWO.Het overwerk wordt geacht te zijn ingegaan op het moment waarop wordt besloten de alarmering in het kader van de crisisbeheersing te doen activeren en te eindigen op het tijdstip dat de alarmering in het kader van de crisisbeheersing wordt gedeactiveerd, naar boven afgerond op een kwartier.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel