Naar hoofdinhoud

Paragraaf 3

Artikel 28

Verboden handelingen

Onderdeel van Verordening op de warenmarkten voor de gemeente Delft

1.. Het is de vergunninghouder verboden: de standplaats onbeheerd achter te laten; op het marktterrein op een andere dan voor de warenmarkt bestemde tijd goederen of waren te koop aan te bieden, te verkopen of af te leveren; meer ruimte in te nemen dan hem is toegewezen; op de donderdagmarkt in de breedtepaden (noord-zuid richting) de vaste overkapping van de marktkraam, dan wel de klep van het eigen materiaal, dan wel enig ander materiaal, te laten uitsteken buiten de toegewezen standplaats; op de dondermarkt in de lengtepaden (oost-west richting) en op de dinsdag- en zaterdagmarkt de vaste overkapping van de marktkraam, dan wel de klep van het eigen materiaal, meer dan 1.45 meter te laten uitsteken buiten de toegewezen standplaats; de opstal op zijn standplaats tijdens de warenmarkt af te breken of te verplaatsen; de doorgang in de wandelgangen c.q. looppaden op en langs het marktterrein op enigerlei wijze te hinderen of te belemmeren; aan de voorkant van de marktkraam, vóór de verticale stand van de staanders, c.q. vóór de plank van de marktkraam, of aan de voorkant van de verkoopwagen, goederen, reclameborden etc. te plaatsen of te hangen, behoudens het bepaalde in artikel 29 lid 2; op de standplaats andere goederen of waren in voorraad te hebben, uit te stallen, te koop aan te bieden of af te leveren dan die, waarvoor vergunning is verleend; op de warenmarkt afval aan te voeren; onder afval wordt mede verstaan waren of goederen of partijen daarvan, die geheel of in belangrijke mate ongeschikt zijn om te verhandelen; rij- en voertuigen, waarmee goederen of waren ter warenmarkt worden of zijn aangevoerd, op de warenmarkt aanwezig te hebben op een andere plaats dan die, welke door het college is aangewezen; tijdens de warenmarkt op het marktterrein gebruik te maken van luidsprekers, versterkers en andere middelen ter versterking van het geluid; bak- en/of kookinstallaties te gebruiken; anderszins te handelen of na te laten in strijd met hetgeen in deze verordening is bepaald. 2.. Het college kan in bijzondere gevallen van het bepaalde in onder j, k en m ontheffing verlenen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel