Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4

Artikel 20

Schadevergoeding

Onderdeel van Archeologieverordening Gemeente Gemert-Bakel 2010

1.. Voor zover blijkt dat de aanvrager van een sloopvergunning als bedoeld in artikel 37, eerste lid van de Monumentenwet 1988, van een aanlegvergunning als bedoeld in artikel 3.3, onder a, van de Wet ruimtelijke ordening, een ontheffing als bedoeld in de artikelen 3.6, eerste lid, onder c, 3.22 of 3.23 van die wet of een projectbesluit als bedoeld artikel 1.1, eerste lid, onder f, van die wet of van een reguliere bouwvergunning als bedoeld in artikel 44, eerste lid, van de Woningwet tengevolge van de weigering daarvan in het belang van de archeologische monumentenzorg of ten gevolge van voorschriften die in het belang van de archeologische monumentenzorg aan het desbetreffende besluit zijn verbonden, schade lijdt die redelijkerwijs niet of niet geheel te zijner laste behoort te blijven, kennen burgemeester en wethouders hem op zijn verzoek een naar billijkheid te bepalen schadevergoeding toe (artikel 42 van de Monumentenwet 1988). 2.. Voor schade veroorzaakt door een maatregel als bedoeld in artikel 57, tweede lid van de Monumentenwet 1988, die redelijkerwijs niet of niet geheel ten laste van de belanghebbende behoort te blijven, kennen burgemeester en wethouders op verzoek een naar billijkheid te bepalen schadevergoeding toe.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel