De mate van invloed of zeggenschap die jeugd en jongeren hebben of toebedeeld krijgen in de verschillende fasen van het participatieproces is verbonden met de niveaus (treden) van participatie. De Amerikaanse psycholoog R.A. Hart (1992) heeft een indeling gemaakt van de participatieladder waarop de jeugd maatschappelijk zou kunnen participeren. Het is een indeling van acht treden.
Trede
1
Manipulatie
Kinderen of jongeren worden ingezet bij acties en dergelijke, ten behoeve van de door volwassenen geformuleerde belangen waar zij zelf de inhoud / gevolgen niet van overzien of begrijpen.
2
Decoratie
Kinderen worden ingeschakeld, om acties van volwassenen op te luisteren. Bijvoorbeeld door het oplaten van ballonnen, zang en dans.
3
Afkopen
Kinderen of jongeren krijgen ogenschijnlijk een stem, zonder invloed te hebben op het onderwerp of de vorm. Volwassenen willen kindvriendelijk zijn, bijvoorbeeld door ze in een conferentiepanel te zetten waar in ze het leuk doen.
4
In opdracht maar geïnformeerd
Volwassenen nemen het initiatief om de jeugd in te schakelen, maar stellen hen op de hoogte over het hoe en waarom. Jeugd bepaald zelf om te participeren.
5
Consulteren en informeren
Jeugd wordt vooraf uitgebreid geraadpleegd over een project dat door de volwassenen ontworpen en geleid wordt. Mening van de jeugd krijgt een serieuze behandeling.
6
Initiatief bij volwassenen, kinderen beslissen mee
Volwassenen nemen initiatief, bereiden de beslissing voor, jeugd beslist in samenspraak met de volwassenen.
7
Initiatief en leiding bij jeugd
De jeugd neemt initiatief en bereidt beslissingen voor, volwassenen dragen zorg voor de randvoorwaarden en de jeugd beslist in harmonie met de volwassenen.
8
Initiatief bij jeugd, beslissen samen met volwassenen
Jongeren nemen zelf het initiatief en werken het idee uit in een project met volwassenen. Gezien de gedeelde verantwoordelijkheid tussen de volwassenen en de jeugd is dit de hoogste vorm van participatie.