Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1.3

Bestuurlijke vaststelling en geldigheid

Onderdeel van Bodemkwaliteitskaart

De voorgaande bodemkwaliteitskaart is samen met de Nota bodembeheer in 2010 vastgesteld door de gemeenteraad. Deze geactualiseerde bodemkwaliteitskaart bevat geen gewijzigd of nieuw beleid. Deze geactualiseerde bodemkwaliteitskaart wordt daarom vastgesteld door het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Terneuzen. De geldigheid van de bodemkwaliteitskaart en/of de Nota bodembeheer vervalt wanneer een nieuwe bodemkwaliteitskaart en/of Nota bodembeheer wordt vastgesteld. In artikel 53 van het Besluit bodemkwaliteit is vastgelegd, dat een Nota bodembeheer een maximale geldigheid heeft van 10 jaar. Een bodemkwaliteitskaart is volgens het Besluit bodemkwaliteit een bijlage bij de Nota bodembeheer. In de Richtlijn bodemkwaliteitskaarten is echter voor bodemkwaliteitskaarten een geldigheid van 5 jaar opgenomen. De gemeente Terneuzen zal de bodemkwaliteitskaart derhalve 5 jaar na vaststelling evalueren. Begrenzing bodembeheergebied Deze bodemkwaliteitskaart heeft alleen betrekking op de landbodem waarvoor de gemeente het bevoegd gezag is in het kader van het Besluit bodemkwaliteit. Bijlage 1 bevat de begrenzing van het bodembeheergebied waarvoor de gemeentes Hulst, Sluis en Terneuzen het bevoegd gezag zijn in het kader van het Besluit bodemkwaliteit. Voor toepassingen op de waterbodem is de waterkwaliteitsbeheerder het bevoegd gezag (waterschap dan wel Rijkswaterstaat). In de Waterregeling (lit. 7) is vastgelegd voor welke gebieden Rijkswaterstaat het bevoegd gezag is. De begrenzing van het bodembeheergebied langs de Noordzeekust en de Westerschelde is gebaseerd op de kaarten uit de Waterregeling. Voor de waterbodems in Zeeuwsch-Vlaanderen heeft Waterschap Scheldestromen een waterbodemkwaliteitskaart laten opstellen (lit. 8).

Rechtspraak bij dit artikel