Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1.

Artikel 13.

Verhoor

Onderdeel van Besluit bestuurlijke boeten haven- en kadegelden

1.. Belanghebbende is tijdens het verhoor niet tot antwoorden verplicht (artikel 5:10a van de Awb). Hij dient voor de aanvang van het verhoor hierop te worden gewezen (cautie). 2.. De heffingsambtenaar maakt na afloop van het verhoor een verslag. 3.. Het verslag van het verhoor bevat de volgende gegevens: – datum, tijdstip en plaats van verhoor; – naam van de verhoorde; – naam of namen van degene(n) die verhoort/verhoren; – indien bijstand aanwezig is, de namen en hoedanigheden van degenen die bijstand verlenen; – indien een tolk aanwezig is, de naam van de tolk en de gebruikte taal; – de melding van het geven van de cautie; – doel van het verhoor; – verklaring(en) van de verhoorde afgelegd tijdens het verhoor; – handtekening van degene(n) die verhoort/verhoren. 4.. Belanghebbende krijgt een afschrift van het verslag.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel