**1..** Om een goede verhouding tussen de prijs voor de levering van een dienst door een derde en de eisen die gesteld worden aan de kwaliteit te waarborgen van de dienst stelt het college vast:
een vaste prijs, die geldt voor een inschrijving als bedoeld in de Aanbestedingswet
2012 en het aangaan van een overeenkomst met de derde; of
een reële prijs die geldt als ondergrens voor:
**1..** een inschrijving en het aangaan van een overeenkomst met de derde, en
**2..** de vaste prijs, bedoeld in onderdeel a.
**2..** Het college stelt de prijzen, bedoeld in het eerste lid, vast:
overeenkomstig de eisen aan de kwaliteit van die dienst, waaronder de eisen aan de deskundigheid van de beroepskracht en
rekening houdend met de continuïteit in de hulpverlening tussen degenen aan wie de dienst wordt verstrekt en de betrokken hulpverleners.
**3..** Het college baseert de vaste prijs of de reële prijs op de volgende kostprijselementen:
de kosten van de beroepskracht;
redelijke overheadkosten;
kosten voor niet productieve uren van de beroepskrachten als gevolg van verlof, ziekte, scholing, werkoverleg;
reis en opleidingskosten;
indexatie van de reële prijs voor het leveren van een dienst;
overige kosten als gevolg van door de gemeente gestelde verplichtingen voor aanbieders waaronder rapportageverplichtingen en administratieve verplichtingen.
**4..** In afwijking van het eerste lid, kan het college, in plaats van zelf de reële prijs vast te stellen, de eis aan inschrijvende partijen stellen om een reële prijs voor de dienst te hanteren. Deze prijs moet gebaseerd zijn op het tweede en derde lid. Hierover legt het college verantwoording af aan de gemeenteraad.
**5..** Het college bepaalt met welke derde als bedoeld in het eerste lid hij een overeenkomst aangaat.
Hoofdstuk 5.
Artikel 17.
Borging en kwaliteit
Onderdeel van Verordening van de raad van Achtkarspelen houdende de maatschappelijke ondersteuning in de gemeente Achtkarspelen