Naar hoofdinhoud
1.Tijdens de besloten vergadering beslist de raad overeenkomstig artikel 25, eerste lid, van de Gemeentewet of omtrent het verhandelde of de inhoud van overlegde de stukken geheimhouding zal gelden. De raad kan besluiten de geheimhouding op te heffen. 2.Op grond van het gestelde in artikel 25 lid 2 kan een ander bestuursorgaan dan de raad eveneens geheimhouding opleggen ten aanzien van de stukken die zij overleggen aan (leden van) de raad. 3.De stukken maken melding van de geheimhouding. Deze geheimhoudingsplicht omtrent aan de raad overlegde stukken vervalt indien de meerderheid van de raad deze niet in zijn eerst volgende vergadering heeft bekrachtigd. Deze bekrachtiging geldt totdat de raad haar bij meerderheid heeft opgeheven. De geheimhouding van stukken welke aan leden van de raad zijn gezonden blijft gelden totdat het betreffende orgaan deze heeft opgeheven. 4.Indien de raad de door een ander bestuursorgaan opgelegde geheimhouding omtrent overlegde stukken niet bekrachtigd of deze opheft (na bekrachtiging) wordt het betreffende bestuursorgaan in de gelegenheid gesteld om een toelichting te geven op de door haar opgelegde geheimhouding. Geheime stukken zullen in de griffiekamer ter inzage liggen en niet met de reguliere zending worden meegezonden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel