In deze verordening wordt verstaan onder:
omgevingsplan: plan als bedoeld in artikel 4.2 lid 1 van de Omgevingswet;
bevoegd gezag: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Maasgouw;
woonschip: elk vaartuig dat uitsluitend of hoofdzakelijk wordt gebruikt als zelfstandige woning en als hoofdverblijf, of te oordelen naar zijn constructie of inrichting uitsluitend of in hoofdzaak daartoe bestemd is;
ligplaats: een gedeelte van het openbaar water dat ingevolge deze verordening door een woonschip met bijbehorende voorzieningen mag worden ingenomen;
ligplaatsenkaart: de kaart waarop de plaatsen worden aangegeven waar woonschepen (met vergunning) ligplaats mogen nemen binnen de gemeente;
bijbehorende voorzieningen: zaken zonder welke het gebruik van een woonschip als woning niet goed mogelijk is, zoals een steiger en een loopplank;
gebruiksoppervlakte: de oppervlakte, gemeten op vloerniveau, tussen de (scheidings)muren die de desbetreffende ruimte of groep van ruimten omhullen;
openbaar water: alle wateren die, al dan niet met enige beperking, voor het publiek bevaarbaar of anderszins toegankelijk zijn;