Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3: › Paragraaf 3.1:

Artikel 23:

De berekeningsgrondslag van de verlaging

Onderdeel van DE RAAD VAN DE GEMEENTE GILZE EN RIJEN;

1.. De verlaging wordt toegepast op de toepasselijke bijstandsnorm of grondslag. 2.. Deze verlaging bestaat uit een percentage van de toepasselijke bijstandsnorm of grondslag, dan wel uit een percentage van het benadelingsbedrag, zoals opgenomen in deze verordening. 3.. In afwijking van het eerste lid, kan de verlaging ook worden toegepast op de bijzondere bijstand als: een belanghebbende bijzondere bijstand voor levensonderhoud wordt verleend met toepassing van artikel 12 PW; de verwijtbare gedraging van belanghebbende, in relatie tot het recht op bijzonder bijstand, daartoe aanleiding geeft; het bijzondere bijstand betreft voor woonkosten en premie voor arbeidsongeschiktheidsverzekering aan zelfstandigen, die een uitkering voor levensonderhoud (hebben) ontvangen krachtens het Bbz of de IOAZ. 4.. Onverminderd het bepaalde in de vorige leden kan bijzondere bijstand worden afgestemd op de wijze zoals beschreven in artikel 31, achtste lid, van deze verordening, wanneer sprake is van tekortschietend besef van verantwoordelijkheid. 5.. Onverminderd het bepaalde in de vorige leden kan afstemming plaatsvinden door de bijstand bij een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in de kosten van het bestaan te verstrekken als geldlening op basis van artikel 48, tweede lid, onderdeel b, PW.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel