In deze verordening en de daarop gebaseerde nadere regelgeving wordt verstaan onder:
Aanvraag: een aanvraag als bedoeld in artikel 2.3.5 van de wet.
Algemeen gebruikelijke voorziening: een voorziening die niet specifiek bedoeld is voor personen met een beperking, die daadwerkelijk beschikbaar is, een passende bijdrage levert aan het realiseren van een situatie waarin de cliënt tot zelfredzaamheid of participatie in staat is en die financieel kan worden gedragen met een inkomen op minimumniveau;
Algemeen maatschappelijk werk: op het individu gerichte hulpverlening ter bevordering van zelfredzaamheid of participatie in de maatschappij, voor inwoners van alle leeftijden waarbij er tijdelijk of permanent sprake is van verhoogde kwetsbaarheid.
Algemene voorziening: aanbod van diensten of activiteiten die, zonder voorafgaand onderzoek naar de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van de gebruikers, toegankelijk zijn en die gericht zijn op maatschappelijke ondersteuning.
Andere voorziening: voorziening anders dan in het kader van de Wet.
Bijdrage: bijdrage als bedoeld in artikelen 2.1.4 en 2.1.4a van de wet.
Gesprek: gesprek in het kader van het onderzoek als bedoeld in artikel 2.3.2, eerste lid, van de wet.
Goedkoopst adequaat: als meerdere voorzieningen of oplossingen inzetbaar zijn, wordt bij gelijkwaardige kwaliteit gekozen voor de goedkoopste voorziening of oplossing.
Hulpvraag: behoefte aan maatschappelijke ondersteuning als bedoeld in artikel 2.3.2, eerste lid, van de wet.
Kostprijs: de prijs van een maatwerkvoorziening in natura of een Pgb waarvoor de gemeente of de belanghebbende bij aanbieder of leverancier de voorziening of dienst heeft ingekocht of ingehuurd en de eventuele daarin begrepen onderhoudskosten.
Maatschappelijk nuttige activiteiten: activiteiten die bijdragen aan de zelfredzaamheid of participatie van betrokkene en daarnaast iets bijdragen aan de samenleving.
Maatwerkvoorziening: op een persoon afgestemd geheel van voorzieningen als bedoeld in artikel 1.1.1 van de wet.
Melding: melding aan het college als bedoeld in artikel 2.3.2, eerste lid, van de wet.
Pgb: persoonsgebonden budget als bedoeld in artikel 1.1.1 van de wet.
Respijtzorg: voorziening bedoeld om overbelasting van mantelzorgers te voorkomen. Respijtzorg kan ingezet worden in de vorm van logeeropvang, kortdurend verblijf of bij de inwoner thuis.
Voorziening in natura: een voorziening, verstrekt in eigendom, in bruikleen, in huur of in de vorm van persoonlijke dienstverlening.
Voorliggende voorziening: algemene voorziening of andere voorziening waarmee aan de hulpvraag wordt tegemoetgekomen.
Wet: de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015.
Professionele zorgverlener: Er is sprake van professionele hulp als de werkzaamheden beroepsmatig uitgevoerd worden en de persoon ingeschreven staat bij de Kamer van Koophandel. De omschrijving van de bedrijfsactiviteiten van de onderneming moet aansluiten bij de te leveren diensten voor het Pgb.
Hulp uit sociaal netwerk: De hulp die geboden wordt door iemand die hier niet voor opgeleid is en/of hoort tot het sociale netwerk (familie, vrienden, buren enz.)
Gebruikelijke hulp : hulp die naar algemeen aanvaarde opvattingen in redelijkheid mag worden verwacht van de echtgenoot, partner, ouders, inwonende kinderen of andere huisgenoten. Dit betreft de 'normale', dagelijkse ondersteuning die huisgenoten geacht worden elkaar te bieden. Uitgangspunt is dat de huisgenoten samen verantwoordelijk zijn voor het eigen huishouden, de eigen gezondheid, levensstijl en de wijze waarop het huishouden wordt gevoerd. Huisgenoten nemen daarom de huishoudelijke taken over die de aanvrager van een Wmo-voorziening zelf niet (meer) kan uitvoeren. Wanneer het overnemen van alle huishoudelijke taken niet haalbaar is, wordt alleen gecompenseerd voor de huishoudelijke taken die een huisgenoot niet over kan nemen. Gebruikelijke hulp is niet vrijblijvend, maar heeft een verplichtend karakter. Dit houdt in dat er zowel van volwassen als van jongere huisgenoten een bijdrage wordt verlangd in het huishouden. Er wordt geen onderscheid gemaakt op basis van sekse, religie, cultuur, gezinssamenstelling, drukke werkzaamheden of persoonlijke opvattingen over het bieden van gebruikelijke hulp. De gebruikelijke hulp gaat vóór op een maatwerkvoorziening. In de beoordeling van de noodzaak tot ondersteuning wordt rekening gehouden met de beschikbaarheid van gebruikelijke hulp.
Artikel 1
Begripsomschrijvingen
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning gemeente Aalsmeer