Naar hoofdinhoud

Artikel 4

procedurebepaling

Onderdeel van Subsidieregeling projectsubsidies musea 2017-2021

1.. Een aanvraag in het kader van deze regeling dient voorafgaand aan de activiteit te worden ingediend met behulp van een standaard subsidieformulier. 2.. Een aanvraag om subsidie dient te zijn voorzien van een projectplan. Dit plan dient minstens te bevatten: Een beschrijving van het project Een verkenning van de belangstelling van bezoekers voor dit project De doelgroep, het object/ de groep van objecten of het onderwerp Het gewenste resultaat Het Borselse element De wijze waarop men het project vorm wil geven De termijn waarop men het project gerealiseerd wil hebben Welke andere partijen eventueel betrokken zijn Bij innovatieve projecten een toelichting op het innovatieve van het project Bij conservering projecten het belang van het behoud van het betreffende object/de groep van objecten 3.. Een aanvraag om subsidie dient voorzien te zijn van een realistische begroting met daarin Alle verwachtte uitgaven ten aanzien van het project Een toelichting over de wijze waarop de co-financiering geregeld is. Dit kan zijn in euro’s en/of zelfwerkzaamheid. 4.. Uiterlijk drie maanden na afloop van de projectperiode dient de subsidieontvanger een afrekening te overleggen, waarna tot vaststelling van de subsidie zal worden overgegaan. 5.. Indien blijkt, dat opzettelijk onjuiste gegevens zijn verstrekt, dan wel dat deze richtlijnen niet worden nagekomen, wordt de subsidie geheel of gedeeltelijk ingetrokken en teruggevorderd. 6.. Een subsidie ontvanger informeert het college direct in het geval zich omstandigheden voordien die van invloed zijn op de realisatie van het project.

Rechtspraak bij dit artikel