Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk B

Artikel 4

Benoeming van de leden

Onderdeel van Verordening bezwaarschriftencommissie

1.. De raad benoemt de leden. 2.. Het lidmaatschap vangt aan op de eerste dag nadat het besluit, bedoeld in het eerste lid, op wettelijk voorgeschreven wijze is bekendgemaakt. 3.. Het lidmaatschap eindigt met ingang van de dag waarop: een termijn van vier jaar is verstreken waarbij het mogelijk is één keer herbenoemd te worden; het lid een functie als bedoeld in het zesde lid gaat bekleden; een besluit als bedoeld in artikel 5, eerste of tweede lid, op de wettelijk voorgeschreven wijze is bekendgemaakt. 4.. Een lid blijft zijn functie vervullen totdat in zijn opvolging is voorzien, tenzij de raad anders beslist. 5.. De voorzitter en de vice-voorzitter worden in functie benoemd. 6.. Niet tot lid kunnen worden benoemd: leden van de raad; leden van het college; de burgemeester; leden van een raadscommissie als bedoeld in de artikelen 82, 83 of 84 van de Gemeentewet; leden van een bestuursorgaan ingevolge een gemeenschappelijke regeling waaraan de gemeente deelneemt; ambtenaren en medewerkers van de gemeente; ambtenaren en medewerkers van een orgaan ingevolge een gemeenschappelijke regeling waaraan de gemeente deelneemt. 7.. Evenmin tot lid kunnen worden benoemd personen die minder dan vier jaren voorafgaand aan hun voorgenomen benoeming: lid zijn geweest van een bestuursorgaan als bedoeld in het zesde lid; ambtenaar of medewerker van de gemeente zijn geweest; ambtenaar of medewerker van een orgaan als bedoeld in het zesde lid, onderdeel g, zijn geweest.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel