Naar hoofdinhoud
1.. Archeologisch onderzoek dient tenminste conform de vigerende versie van de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie te worden uitgevoerd. 2.. Voordat archeologisch veldonderzoek wordt uitgevoerd dient de initiatiefnemer van dat onderzoek een programma van eisen en plan van aanpak ter goedkeuring voor te leggen aan burgemeester en wethouders. 3.. Er mag pas worden gestart met het archeologische veldonderzoek nadat burgemeester en wethouders het programma van eisen en het plan van aanpak hebben goedgekeurd. 4.. Burgemeester en wethouders kunnen aan het besluit tot goedkeuring van het programma van eisen voorschriften verbinden over: de kwaliteit van het archeologische onderzoek het toezicht op de feitelijke uitvoering van het archeologisch onderzoek 5.. Tijdens de uitvoering van het archeologische veldonderzoek en daaruit volgende archeologische handelingen ter afronding van dit onderzoek dienen de aanwijzingen van burgemeester en wethouders in acht te worden genomen. 7.. Resultaten van archeologisch onderzoek dienen aan burgemeester en wethouders ter beoordeling te worden voorgelegd. Burgemeester en wethouders nemen op basis daarvan een selectiebesluit.

Rechtspraak bij dit artikel