Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4.

Artikel 4.1.

Afstand

Onderdeel van Beleidsregels Leerlingenvervoer 2017

Beleidsregel De afstand van de woning van de leerling naar school wordt gemeten langs de kortste voor de leerling voldoende begaanbare en veilige weg. De afstand wordt gemeten met de routeplanner van de ANWB, met de optie kortste route. Als de afstand tussen de woning en school korter is dan het voor de leerling geldende afstandscriterium (zes kilometer), wordt er bij de beschikking op de aanvraag een uitdraai meegestuurd. Als de afstand van de heenreis en de terugreis verschillend is, wordt bij het meten van de afstand niet uitgegaan van de gemiddelde afstand van de heenweg (’s morgens) en de terugweg (’s middags). Indien de reisafstand op de heenweg onder de in de verordening gestelde grens ligt doch de reisafstand op de terugweg daarboven of omgekeerd, dan wordt een gedeeltelijke bekostiging verstrekt: alleen de heen- of alleen de terugreis. Leerling is jonger dan tien jaar Als er recht bestaat op leerlingenvervoer, de leerling jonger is dan tien jaar en de ouders kunnen aantonen dat het kind niet in staat is zelfstandig van het openbaar vervoer gebruik te maken, komen de ouders in aanmerking voor de bekostiging van de vervoerskosten voor een begeleider. Hierbij kan men denken aan de volgende situaties: de leerling moet een of meerdere malen overstappen; de route van het uitstappunt van de bus naar de school kent gevaarlijke kruisingen. Indien de leerling op 1 augustus van het schooljaar 9 jaar is, geldt voor het hele schooljaar dat de leerling als 9 jaar wordt aangemerkt, ook al wordt de leerling in de loop van het schooljaar 10 jaar.

Rechtspraak bij dit artikel