Het college vraagt advies aan de ruimtelijke kwaliteitscommissie voordat zij beslissen op de aanvraag als bedoeld in artikel 10.
Voordat een beslissing wordt genomen op de aanvraag wordt deze twee weken ter inzage gelegd.
Na de ter inzage legging wordt de adviesaanvraag aan de ruimtelijke kwaliteitscommissie gezonden, vergezelt van de ingekomen zienswijzen. De ruimtelijke kwaliteitscommissie brengt binnen de in de "Verordening regelende de taak, de samenstelling en de werkwijze van de Ruimtelijke Kwaliteitscommissie" genoemde termijnen schriftelijk advies uit aan het college en betrekt de beschrijving van het monument als bedoeld in artikel 6 bij haar advies.
Indien een bouwhistorisch en/of archeologisch onderzoek noodzakelijk wordt geacht kan de termijn met ten hoogste vier weken worden verlengd.
Bij overschrijding van de in lid 3 genoemde termijnen wordt de ruimtelijke kwaliteitscommissie geacht te hebben geadviseerd.
Het college beslist binnen 8 weken na ontvangst van het advies van de ruimtelijke kwaliteitscommissie maar in ieder geval binnen 12 weken na ontvangst van de aanvraag van de vergunning.
Het college kan de in lid 5 genoemde termijn van 12 weken met ten hoogste 12 weken verlengen, mits zij de aanvrager daarvan kennis geven binnen de in lid 5 genoemde termijn van 12 weken.
Indien het college niet voldoet aan artikel 11 lid 5 of lid 6 wordt de vergunning geacht te zijn verleend.
Het college kan aan een vergunning voorschriften verbinden in het belang van de monumentenzorg en/of de archeologie.
Het college zendt een afschrift van de monumentenvergunning aan de ruimtelijke kwaliteitscommissie.
HOOFDSTUK 2: › Paragraaf 2
Artikel 11 Advies van de ruimtelijke kwaliteitscommissie en beslissing op de aanvraag
Artikel 11 Advies van de ruimtelijke kwaliteitscommissie en beslissing op de aanvraag
Onderdeel van Monumentenverordening 2005