Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 1

Artikel 1:3

(melden)

Onderdeel van Regeling Vertrouwenswerk 2007

1.. De medewerker die met ongewenst gedrag wordt geconfronteerd kan een melding doen bij: de leidinggevende; de decentrale vertrouwenspersoon; de centrale vertrouwenspersoon; meldpunt integriteit van de gemeente. 2.. Anonieme meldingen worden niet in behandeling genomen. 3.. Meldingen, die niet binnen een redelijke termijn nadat het ongewenste gedrag heeft plaatsgevonden, worden gedaan, worden niet in behandeling genomen. 4.. Een melding kan mondeling of schriftelijk zijn. 5.. Degene op wiens gedrag de melding betrekking heeft kan voor informatie en verwijzing terecht bij de centrale vertrouwenspersoon.

Rechtspraak bij dit artikel