Dit artikel voorziet in de situatie dat een burgerinitiatief zoals bedoeld in de ‘Amsterdamse Verordening op het burgerinitiatief en het referendum 2004' al in procedure is op het moment dat de wijziging van de verordening in werking treedt. Een dergelijk burgerinitiatief wordt vanaf het moment van inwerkingtreding van deze verordening afgehandeld volgens de regels van deze verordening. Hiervoor is gekozen om de indieners van in procedure zijnde burgerinitiatieven ook in de gelegenheid te stellen gebruik te maken van de mogelijkheid om langs elektronische weg handtekeningen te verzamelen.
Voor het enige in procedure zijnde burgerinitiatief geldt dat dat ten tijde van de behandeling van de verordening voor de indiener de termijn van zes weken loopt om aan te geven of het burgerinitiatief wordt doorgezet als referendum. Deze zes weken termijn is in de nieuwe verordening komen te vervallen. Om het overzicht te bewaren en de indiener van het burgerinitiatief niet te benadelen, wordt ervoor gekozen om op de dag van inwerkingtreding de nieuwe termijn te laten starten van drie weken (termijn zoals bepaald in artikel 34, tweede lid) om de benodigde handtekeningen (6.750) te verzamelen voor een inleidend referendumverzoek.
Indien deze bepaling niet zou zijn opgenomen, dan zou inwerkingtreding van deze verordening tot gevolg hebben dat - op grond van de nieuwe verordening - deze driewekentermijn al was gaan lopen en zelfs al voor een groot deel verstreken zou zijn.
Hoofdstuk
Artikel 49
(Overgangsbepaling)
Onderdeel van Verordening op het burgerinitiatief, het volksinitiatief en het referendum