**1..** Het college doet het aanbod, bedoeld in artikel 19, eerste of tweede lid, van de wet schriftelijk. Het aanbod wordt gezonden naar het adres waar de inburgeringsplichtige bedoeld in artikel 3 in de gemeentelijke basisadministratie is ingeschreven.
**2..** Het aanbod komt tot stand op basis van een toets, die de inburgeringsplichtige aflegt bij een door het college aangewezen deskundige en bevat een omschrijving van de inburgeringsvoorziening of taalkennisvoorziening die wordt aangeboden en daaraan te verbinden rechten en verplichtingen.
**3..** De inburgeringsplichtige bedoeld in artikel 3 aan wie een aanbod wordt gedaan, deelt per omgaande het college schriftelijk mee of hij het aanbod al dan niet aanvaardt.
**4..** Het niet aanvaarden van een aanbod ontslaat de inburgeringsplichtige bedoeld in artikel 3 niet van de verplichtingen als genoemd in artikel 7 van de wet. Wanneer de inburgeringsplichtige bedoeld in artikel 3 het aanbod niet aanvaardt, geeft het college een kennisgeving af aan de inburgeringsplichtige waarin de termijn zoals bedoeld in artikel 7 van de wet, wordt meegedeeld.
**5..** Wanneer de inburgeringsplichtige bedoeld in artikel 3 het aanbod aanvaardt, neemt het college binnen vier weken na ontvangst van deze mededeling het besluit tot vaststelling van de inburgeringsvoorziening of taalkennisvoorziening overeenkomstig het gedane aanbod.
Artikel 9 De inhoud van de beschikking
Het besluit tot vaststelling van de inburgeringsvoorziening of taalkennisvoorziening aan een inburgeringsplichtige als bedoeld in artikel 3 bevat in ieder geval:
**a..** een beschrijving van de inburgeringsvoorziening of taalkennisvoorziening;
**b..** een opgave van de rechten en verplichtingen van de inburgeringsplichtige bedoeld in artikel 3;
**c..** de datum waarop het inburgeringsexamen of staatsexamen Nederlands als tweede taal I of II moet zijn behaald;
**d..** de termijnen en wijze van betaling.
Hoofdstuk
Artikel 8
De procedure van het doen van een aanbod
Onderdeel van Verordening inburgering Amsterdam 2013