Naar hoofdinhoud

Artikel 8.

Overige beëindigingsgronden

Onderdeel van Beleidsregels Schulddienstverlening Almere

Onverminderd de overige bepalingen in deze beleidsregels, kan het college besluiten tot beëindiging van de schulddienstverlening indien: de verzoeker niet voldoet aan de verplichtingen bedoeld in artikel 6; de verzoeker in staat is om zijn schulden zelf of via diens netwerk te regelen; het schulddienstverleningstraject succesvol is afgerond; de verzoeker niet langer tot de doelgroep behoort; de verzoeker is komen te overlijden; de verzoeker zich ten opzichte van de medewerkers, belast met werkzaamheden die voortkomen uit schulddienstverlening, ernstig misdraagt; de geboden bemiddeling, gelet op de persoonlijke omstandigheden van de verzoeker, niet (langer) doelmatig is; de inkomens- , woon- of leefsituatie van de verzoeker dermate onzeker is, dat schulddienstverlening (nog) niet mogelijk is; de verzoeker naar een andere gemeente verhuist, tenzij er sprake is van een lopende schuldregeling; de verzoeker zijn afloscapaciteit niet (volledig) wil aanwenden voor de aflossing van schulden; op grond van – zo later is gebleken – onjuiste gegevens schulddienstverlening aan de verzoeker is toegekend, terwijl als deze gegevens ten tijde van de besluitvorming bekend was geweest bij de schulddienstverlening, een ander besluit zou zijn genomen; de verzoeker hier nadrukkelijk zelf om verzoekt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel