In afwijking van het bepaalde in artikel 2.4.1 en onverminderd het
bepaalde in artikel 2.4, onder d, van de Regeling omgevingsrecht,
kan het bevoegd gezag voorwaarden verbinden aan de
omgevingsvergunning voor het bouwen, in het geval zij op grond van
het in de Regeling omgevingsrecht van oordeel zijn, dat de bodem
niet geschikt is voor het beoogde doel maar door het stellen van
voorwaarden alsnog geschikt kan worden
gemaakt.
HOOFDSTUK 2 › Paragraaf 3
Artikel 2.4.2
Voorwaarden omgevingsvergunning voor het bouwen
Onderdeel van Bouwverordening 2010 gemeente Vlissingen 14e serie wijzigingen