In het kader van brandpreventie en veiligheid gelden de volgende regels:
verlichting moet zo worden gemonteerd dat die niet in aanraking kan komen met gemakkelijk brandbare stoffen;
kabels die in de looppaden op de grond liggen moeten afgedekt worden met afdekmatten. Kabels die op andere wijze zijn aangebracht moeten zich in de looppaden op een hoogte van ten minste 2.50 meter boven de grond bevinden;
indien voor bak- of braadinstallaties vergunning is verleend, dient de installatie door onbrandbaar materiaal of hittebestendig materiaal te zijn omgeven.;
bij gebruik van een propaan- of een butaangasinstallatie mag uitsluitend gebruik worden gemaakt van een speciaal daarvoor volgens norm NEN 5654 ontworpen rubberen gasslag;
lege of niet in gebruik zijnde gasflessen moeten buiten een kraam of wagen zijn opgesteld. In gebruik zijnde flessen moeten op een goed geventileerde plaats staan opgesteld;
bij elke verkoopinrichting waar gebakken of gebraden wordt, moet een doelmatig blusapparaat (geen water) alsmede een deksel voor afsluiting van de pan(nen) aanwezig zijn;
het is op de marktplaats niet toegestaan gebruik te maken van verwarmingstoestellen;
emballage en verpakkingsmateriaal mogen niet in of nabij open vuur aanwezig zijn;
ballons met brandbaar gas gevuld, mogen niet aanwezig zijn;
het gebruik van LPG anders dan brandstof voor motorvoertuigen is niet toegestaan;
het is niet toegestaan op de markt anders dan ten behoeve van de markt aanwezige stroompunten, elektriciteit van een derde te betrekken of daarin zelf te voorzien.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 16
Algemene veiligheidsnormen
Onderdeel van Marktreglement Markt Tussen Meer 2011