Naar hoofdinhoud
Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning van de burgemeester een evenement te organiseren. Naast de weigeringsgronden genoemd in artikel 1:8 kan de vergunning worden geweigerd, als: onevenredig veel beslag wordt gelegd op de hulpdiensten of de gemeentelijke diensten; de aard van het evenement zich niet verdraagt met het karakter of de bescherming van de gevraagde locatie. Een vergunning is niet vereist voor een klein evenement. Een evenement is klein als: het aantal gelijktijdig aanwezigen minder bedraagt dan 200 personen; het evenement op maandag t/m zaterdag tussen 09.00 uur en 24.00 uur en op zon- of feestdag tussen 13.00 uur en 22.00 uur plaatsvindt; geen muziek ten gehore wordt gebracht op maandag t/m zaterdag vóór 09.00 uur en na 24.00 uur en op zon- of feestdag vóór 13.00 uur of na 22.00 uur; het geluidsniveau beneden 77 dB(A) en 87 dB(C) blijft, gemeten op de dichtstbijzijnde gevel van derden (achtergrondmuziek); er een tent of overkapping wordt geplaatst die gelijktijdig door minder dan 50 personen zal worden gebruikt; geen (alcoholhoudende) drank en/of etenswaren tegen betaling word(t)(en) verstrekt; er een organisator is; de organisator ten minste vier weken voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan aan de burgemeester. De burgemeester kan binnen drie weken na ontvangst van de melding besluiten een klein evenement te verbieden, als er aanleiding is te vermoeden dat daardoor de openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of het milieu in gevaar komt. Dit kan onder andere het geval zijn wanneer het evenement plaatsvindt in een stiltegebied, zoals aangewezen in de provinciale omgevingsverordening. Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op een wedstrijd op of aan de weg, in situaties waarin voorzien wordt door artikel 10 juncto 148, van de Wegenverkeerswet 1994. Van de melding wordt kennis gegeven op de in de gemeente gebruikelijke wijze van bekendmaken. Als een aanvraag om een vergunning voor een evenement wordt ingediend minder dan acht weken vóór het tijdstip waarop de aanvrager de vergunning nodig heeft, kan de burgemeester besluiten de aanvraag te weigeren in afwijking van artikel 1:8, tweede lid Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing. De burgemeester is bevoegd nadere eisen te stellen naar aanleiding van de ingediende melding.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel