Naar hoofdinhoud
1.. Het lid van de rekenkamer voert ten minste jaarlijks overleg met een vertegenwoordiging van de raden. 2.. Bij dit overleg worden in ieder geval de begroting en de jaarrekening van de rekenkamer besproken. 3.. Het lid van de rekenkamer vraagt bij belangrijke bedrijfsvoeringbeslissingen de vertegenwoordiging van de raden vooraf om een zienswijze. 4.. Het lid van de rekenkamer meldt het aan de vertegenwoordiging van de raden als er zich zaken voordoen waarvan de raden kennis zouden moeten nemen.

Rechtspraak bij dit artikel