In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
inrit: onder “inrit” wordt in deze beleidsregel ook een “uitweg”, “uitrit” en ‘’oprit’’ verstaan;
aanvrager: belanghebbende in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) door of namens wie een vergunningsaanvraag wordt ingediend, en eigenaar, houder of gerechtigde gebruiker is van een motorvoertuig die op het betreffende adres woont of er een bedrijf uitoefent;
werkzaamheden: alle civiele graaf- en herstraatwerkzaamheden, verplaatsen van lichtmasten, aanpassen groenstroken en dergelijke die verband houden met de aanleg, instandhouding, verplaatsing en verwijdering van inritten in openbare gronden;
college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bunschoten of de door dit college met de uitvoering van de vergunningverlening of het toezicht belaste personen;
APV: de Algemene Plaatselijke Verordening Bunschoten;
Awb: Algemene wet bestuursrecht;
Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.
bevoegd gezag: bestuursorgaan dat bevoegd is tot het nemen van een besluit ten aanzien van een aanvraag om een omgevingsvergunning of ten aanzien van een al verleende omgevingsvergunning.
omgevingsvergunning: omgevingsvergunning als bedoeld in de Wabo;
aanvraag: aanvraag voor een omgevingsvergunning in de zin van de Wabo.
inrichtingsplannen: gedetailleerd stedenbouwkundig ontwerp bij nieuwe ontwikkelingen.
Hoofdstuk 1
Artikel 1.1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Beleidsregel inritvergunningen Bunschoten 2017