Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5

Artikel 16

Voorkomen van diffuse milieuverontreiniging

Onderdeel van Afvalstoffenverordening Nieuwegein 2010

1.. Het is verboden buiten een daarvoor door het college bestemde plaats en buiten een inrichting in de zin van de Wet milieubeheer, zoals die wet luidde direct voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Omgevingswet een afvalstof, stof of voorwerp op of in de bodem te brengen, te storten, te houden, achter te laten of anderszins te plaatsen op een wijze die aanleiding kan geven tot hinder of nadelige beïnvloeding van het milieu. 2.. Het college kan van het verbod ontheffing verlenen. 3.. Het verbod is niet van toepassing op: het overeenkomstig deze verordening ter inzameling aanbieden van huishoudelijke afvalstoffen of bedrijfsafvalstoffen; het thuis composteren van groente-, fruit- en tuinafval; voor zover de (afval)stoffen tijdelijk op de weg geraken of worden gebracht als onvermijdelijk gevolg van het laden, lossen of vervoeren van afvalstoffen dan wel het verrichten van andere werkzaamheden op of aan de weg. 4.. Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor zover de Omgevingswet, het Besluit activiteiten leefomgeving of het Besluit kwaliteit leefomgeving voorziet in de bescherming van het milieu.

Rechtspraak bij dit artikel