**1..** Het college doet het aanbod, bedoeld in artikel 19, eerste of tweede lid, van de wet schriftelijk. Het aanbod wordt gezonden naar het adres waar de inburgeringsplichtige in de gemeentelijke basisadministratie is ingeschreven, dan wel wordt uitgereikt aan de inburgeringsplichtige tijdens een gesprek.
**2..** In het aanbod wordt een omschrijving gegeven van de voorziening die wordt aangeboden en worden de rechten en verplichtingen vermeld, die aan die voorziening worden verbonden.
**3..** De inburgeringsplichtige aan wie een aanbod wordt gedaan, deelt binnen 2 weken het college schriftelijk met het daarvoor bestemde formulier mee of hij het aanbod al dan niet aanvaardt.
**4..** Wanneer de inburgeringsplichtige het aanbod aanvaardt, vraagt het college aan de aanbieder van de inburgering om het startniveau en leerbaarheid te toetsen en vraagt om een voorstel te doen voor het te volgen programma, waarmee de inburgeringsplichtige wordt opgeleid conform het in lid 2 bedoelde aanbod. Op basis van dit voorstel neemt het college een besluit tot vaststelling van de voorziening.
**5..** Het trajectplan wordt ondertekend door aanbieder, inburgeringsplichtige en casemanager.
**6..** Indien de inburgeringsplichtige het aanbod niet aanvaardt, neemt de gemeente binnen twee weken na het verstrijken van de termijn bedoeld in lid 3 het besluit om de inburgeringsplicht op te leggen en de handhavingtermijn vast te leggen conform de wet. De inburgeringsplichtige moet er zelf voor zorgen dat hij aan zijn inburgeringsplicht voldoet binnen deze gestelde termijn.
Hoofdstuk 2.
Artikel 6
De procedure van het doen van een aanbod
Onderdeel van Verordening Wet inburgering gemeente Boxtel 2010