1. Het ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen dient plaats te vinden vanuit de inrichting of vanaf het bedrijfsterrein, op dusdanige wijze dat de inzamelmiddelen en/of vuilniszakken nimmer onbeheerd op de openbare weg staan.
2. Alsvoor het ter inzameling aanbieden van bedrijfsafvalstoffen gebruik wordt gemaakt van (rol)containers moeten deze, niet zichtbaar vanaf de openbare weg, binnen het bedrijfsgebouw of terrein van de aanbieder blijven, behalve tijdens het aanbieden aan de inzamelaar.
3. Inzamelmiddelen met ter inzameling aangeboden bedrijfsafvalstoffen moeten op zodanige wijze aan de weg zijn geplaatst dat het verkeer, voetgangers daaronder begrepen, daarvan zo min mogelijk hinder ondervindt en moeten na ledigingonmiddellijk van de openbare weg worden verwijderd.
Hoofdstuk › Paragraaf
Artikel 28