**1..** Voor de debiteuren sociale zekerheid wordt een voorziening wegens oninbaarheid gevormd volgens de volgende berekeningswijze:
bij het bepalen van de hoogte van de voorziening wordt aangesloten op de landelijke CBS-codes die worden gehanteerd in het Registratiesysteem voor de klantendossiers;
vorderingen boven de € 5.000,00 worden individueel beoordeeld, waarbij op basis van leeftijd en aflossingsbedragen de inbaarheid wordt bepaald.
**2..** Voor de overige debiteuren (inclusief belastingdebiteuren en begraafplaats) wordt afhankelijk van de ouderdom van de openstaande posten volgens de volgende percentages een voorziening wegens mogelijke oninbaarheid gevormd:
ouderdom vordering groter dan drie jaar wordt voor 100% oninbaar geschat;
ouderdom vordering groter dan twee jaar en t/m drie jaar wordt voor 75% oninbaar geschat;
ouderdom vordering groter dan 1 jaar en t/m twee jaar wordt voor 50% oninbaar geschat;
ouderdom t/m 1 jaar wordt voor 0% oninbaar geschat;
naast de ouderdomsbeoordeling wordt elke factuur groter dan € 25.000,00 individueel beoordeeld op mogelijke oninbaarheid en de hiermee samenhangende dotatie aan de voorziening.
Hoofdstuk 3.
Artikel 10.