Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 5.

Ingangsdatum en tijdvak van een verlaging

Onderdeel van Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ Veendam 2017

1.. De verlaging wordt toegepast op de uitkering en/of bijzondere bijstand met ingang van de eerstvolgende kalendermaand volgend op de datum waarop het besluit tot het opleggen van de maatregel aan de belanghebbende is bekendgemaakt. Daarbij wordt uitgegaan van de voor die maand geldende bijstandsnorm. 2.. Als de verlaging niet op grond van het eerste lid kan worden geeffectueerd, dan wordt de verlaging opgelegd met ingang van de eerstvolgende betaling van de uitkering nadat het besluit tot het opleggen van de verlaging is genomen. 3.. Als een verlaging niet of niet geheel ten uitvoer kan worden gelegd als gevolg van de beëindiging of intrekking van de uitkering, wordt de verlaging of dat deel van de verlaging dat nog niet is uitgevoerd, alsnog opgelegd als belanghebbende binnen de termijn, bedoeld in artikel 4, eerste lid, onderdeel b, opnieuw een uitkering ontvangt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel