**1..** Het college stelt vast of een persoon behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie.
**2..** Hierbij neemt het college de volgende criteria in acht:
een persoon behoort tot de doelgroep zoals omschreven in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de Participatiewet, met dien verstande dat die persoon niet in staat is met voltijdse arbeid het wettelijk minimumloon te verdienen en die persoon mogelijkheden tot arbeidsparticipatie heeft; of
een persoon behoort tot de doelgroep zoals omschreven in artikel 10d, tweede lid, van de Participatiewet.
**3..** Het UWV kan het college adviseren met betrekking tot het oordeel of een persoon behoort tot de doelgroep loonkostensubsidie. Het UWV neemt daarbij de in het tweede lid neergelegde criteria in acht.
Hoofdstuk 3.
Artikel 14.