Naar hoofdinhoud
1.. Een stimuleringssubsidie voor het ontwikkelen en uitvoeren van een project/programma voor doelgroepkinderen kan schriftelijk worden aangevraagd door een in de gemeente Zoeterwoude gevestigde organisatie voor onderwijs of kinderopvang. 2.. De subsidieaanvraag als bedoeld in het eerste lid moet mede ondertekend worden door minimaal 1 andere Zoeterwoudse samenwerkingspartner (kinderopvang, school, bibliotheek, Centrum voor Jeugd en Gezin). Eén van de samenwerkingspartners is in ieder geval de kinderopvang). 3.. Organisaties die niet in Zoeterwoude gevestigd zijn, kunnen alleen in aanmerking komen voor de in het eerste lid benoemde subsidie door een gezamenlijke aanvraag in te dienen met één van de partners zoals genoemd in het tweede lid. 4.. De in het eerste lid bedoelde subsidie kan alleen worden aangevraagd voor projecten/programma’s die ten goede komen aan kinderen in de leeftijd van 0-12 jaar die behoren tot de brede doelgroep van de VVE in Zoeterwoude en/of voor kinderen die behoren tot de doelgroep die valt onder de SMI regeling. 5.. In aanvulling op het bepaalde in artikel 6 van de subsidieverordening wordt bij de subsidieaanvraag tevens een beschrijving op hoofdlijnen van de te realiseren projecten/programma’s voor doelgroepkinderen ingediend, bestaande uit: de te bereiken resultaten; de samenwerkende partijen; de wijze van afstemming met de kinderopvang; raming van het aantal te bereiken doelgroepkinderen; planning van de realisatie van de projecten/programma’s; onderbouwing van de extra kosten die door partners gemaakt worden om de projecten/programma’s te ontwikkelen en uit te voeren, en waarvoor subsidie aangevraagd wordt. 6.. De subsidie ontvanger voldoet aan de meldcode bij mogelijke kindermishandeling. 7.. De subsidieontvanger werkt actief mee aan vroegsignalering van ontwikkelingsachterstanden, problematische thuissituaties en andere factoren die de ontwikkeling van het kind op welke wijze dan ook kan verstoren. Hiertoe wordt nauw samengewerkt met het Centrum voor Jeugd en Gezin. 8.. De subsidieontvanger werkt toekomstgericht. Men moet kunnen en willen anticiperen op veranderingen.

Rechtspraak bij dit artikel