**1..** Bij een nieuwbouwontwikkeling door (particuliere) ontwikkelaars, niet zijnde een woningcorporatie, geldt dat alleen sociale huurwoningen en sociale koopwoningen die boven het percentage van 35% sociale woningbouw in een nieuwbouwproject worden gerealiseerd in aanmerking komen voor een subsidie.
**2..** De subsidie bedraagt voor 2017 maximaal € 25.000,-- per sociale huurwoning of sociale koopwoning.
De subsidie wordt met ingang van 1 januari 2018 jaarlijks geïndexeerd op basis van het prijsindexcijfer: ‘Nieuwbouwwoningen; inputprijsindex bouwkosten’.
**3..** De inzet van de subsidie moet, naar het oordeel van het college, een aantoonbare verbetering van de kwaliteit van de sociale woningen en\of bouwplan tot gevolg hebben.
**4..** De hoogte van de subsidie wordt bepaald aan de hand van de kwaliteit van de woningen en/of bouwplan. De kwaliteitseisen worden getoetst aan de hand van de volgende kwaliteiten die nader zijn uitgewerkt in bijlage 1 van deze verordening:
betaalbaarheid;
duurzaamheid;
parkeervoorzieningen;
ruimtelijke kwaliteit/leefomgeving.
**5..** Bij nieuwbouwprojecten waarbij een woningbouwcorporatie is betrokken voor het sociale programma, kan het college bij een negatieve grondexploitatie besluiten het tekort in de
grondexploitatie (deels) te subsidiëren. Dit is alleen van toepassing bij sociale woningen boven het percentage van 35% in het nieuwbouwproject.
Lid 3 en 4 worden daarbij als toetsingskader gehanteerd.
b. Als er sprake is van het subsidiëren in het tekort in de grondexploitatie, als bedoeld in lid 5a, kan geen subsidie worden verkregen op basis van lid 1
**6..** De sociale huurwoning ten behoeve waarvan subsidie is verleend, dient gedurende een periode van 10 jaar na oplevering als sociale huurwoning in de zin van artikel 1, onder f van deze verordening beschikbaar gesteld en gehouden te worden als sociale huurwoning door de subsidieontvanger.
**7..** De sociale koopwoning ten behoeve waarvan subsidie is verleend, dient gedurende een periode van 10 jaar na oplevering als sociale koopwoning in de zin van artikel 1, onder g van deze verordening als sociale koopwoning gebruikt te worden. De subsidieontvanger treft maatregelen om:
speculatie met de woning te voorkomen en
te waarborgen dat de sociale koopwoning gedurende een termijn van tien jaar als sociale koopwoning beschikbaar blijft voor de doelgroep waarvoor deze woningen zijn gebouwd.
**8..** Bij de aanvraag om subsidieverlening maakt de subsidieaanvrager inzichtelijk op welke wijze naleving van de in lid 6 en 7 opgelegde verplichtingen zullen worden gewaarborgd. Indien naleving van de verplichtingen naar het oordeel van burgemeester en wethouders onvoldoende is gewaarborgd wordt de aangevraagde subsidie geweigerd.
**9..** De aanvrager verstrekt het college die inlichtingen, die zij voor de beoordeling van de rechtmatigheid en de doelmatigheid van de besteding van de verstrekte subsidie noodzakelijk acht. Onder deze verplichting is begrepen het recht van de gemeente op inzage in de grond-/vastgoedexploitatie.
Artikel 4