Naar hoofdinhoud
Ter nadere uitwerking van hoofdstuk 17 van de CAR-UWO wordt bij de totstandkoming van de POP de volgende procedure gevolgd: Het maken van een POP wordt gecombineerd met het planningsgesprek en vindt in ieder geval één keer per drie jaar plaats. De leidinggevende nodigt de medewerker uit om voorbereidingen te treffen. De uitnodiging voor het gecombineerde plannings-/POP-gesprek vindt veertien dagen van tevoren plaats. Het uiteindelijke plan is de uitkomst van een gesprek tussen de medewerker en de leidinggevende, waarin is beschreven aan welke concrete ontwikkelpunten hij de komende periode gaat werken. De afspraken over ontwikkeling worden opgenomen in de planningsafspraken van de (jaarlijkse) gesprekscyclus. Indien ontwikkelafspraken en activiteiten een doorlooptijd kennen van langer dan één jaar, worden de afspraken conform het POP in de gesprekscyclus geactualiseerd. De medewerker is verantwoordelijk voor zijn eigen ontwikkeling. Afspraken over de ontwikkelpunten worden gezamenlijk gemaakt. Beiden ondertekenen het plan door ondertekening van het totale planningsgesprek. De leidinggevende is verantwoordelijk voor facilitering en coaching. Budgettaire en/of opleidingsconsequenties die voortvloeien uit een POP worden door de functionaris die verantwoordelijk is voor het opleidingsbudget, geaccordeerd. De medewerker schrijft bij voorkeur zelf het POP en is verantwoordelijk voor de opvolging van de acties. De leidinggevende bewaakt de voortgang van de gemaakte afspraken en stelt dit in de voortgangsgesprekken aan de orde. Een te volgen opleiding of te ondernemen activiteit past binnen de doelstellingen, criteria en budgettaire voorwaarden van het gemeentelijk opleidings- of loopbaanbeleid.

Rechtspraak bij dit artikel