Naar hoofdinhoud

Artikel 3.

Beleidsregels

Onderdeel van Beleidsregels Informatieveiligheid & Privacy

1.. Informatieveiligheid en informationele privacy1in het vervolg aangehaald als privacy dienen bij te dragen aan het realiseren van de bestuurlijke- en organisatiedoelstellingen, rekeninghoudend met geldende wet- en regelgeving. 2.. De Baseline Informatiebeveiliging Nederlandse Gemeenten (BIG) en de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) zijn leidend ten aanzien van respectievelijk informatieveiligheid en privacy. 3.. De BIG en de AVG zijn tevens leidend en bepalend voor de partijen met wie de gemeente en de Werkorganisatie BUCH samenwerken. 4.. Het inrichten van de informatievoorziening volgens deze beleidsregels in opzet, bestaan en werking, geeft afdoende garantie dat informatie betrouwbaar en correct wordt behandeld. 5.. Het beveiligingsniveau is in lagen uitbreidbaar. Dit betekent dat het basis beveiligingsniveau uitgaat van de BIG en de AVG. Daar waar nodig of vereist kunnen extra maatregelen getroffen worden boven op het basisniveau. 6.. Voor het verwerken van persoonsgegevens dient altijd een doel en grondslag te zijn, waarbij adequate passende beveiligingsmaatregelen worden getroffen en de beginselen uit de AVG worden gewaarborgd. Bij de implementatie van beveiligingsmaatregelen uit de BIG geldt het pas-toe-of-leg-uit principe, waarbij rekening wordt gehouden met drie afwegingselementen: de stand der techniek, kosten van de tenuitvoerlegging en risico’s. 7.. Het primaire uitgangspunt is risicomanagement. De klassieke aanpak waarbij inperking van de mogelijkheden de boventoon voert, maakt plaats voor veilig en verantwoord faciliteren. 8.. Informatieveiligheid en privacy vereisen een integrale aanpak. De principes ‘Security and privacy by design and default’ staan daarom centraal. Dit betekent dat maximale privacy en informatieveiligheid wordt betracht en dat dit tevens wordt meegenomen bij de ontwikkeling en inrichting van informatiesystemen, processen en diensten. 9.. Verantwoord en bewust gedrag van medewerkers is essentieel. Structureel en planmatig wordt gewerkt aan het bewustzijn. 10.. Het systeem van zelfregulering staat centraal, waarbij jaarlijks opzet, bestaan en werking van de beleidsregels wordt geëvalueerd. Op basis hiervan wordt een verbeterplan opgesteld en wordt via de p&c-cyclus horizontaal verantwoording aflegd door het college aan de gemeenteraad. Er wordt gewerkt conform de plan-do-check-act verbetercyclus. 11.. Ten behoeve van implementatie en uitwerking van deze beleidsregels, wordt een doorvertaling gemaakt van deze beleidsregels in een concernarchitectuur voor informatieveiligheid en privacy. Deze wordt waar nodig vertaald in vakspecifieke procedures. Dit geschiedt in ieder geval voor het waarborgen van de kwaliteit, beveiliging en privacy rondom de processen van de Basisregistratie Personen, paspoorten en identiteitskaarten, DigiD en SUWInet. 12.. Vakspecifiek(e) procedures, werkinstructies en dergelijke ten aanzien van informatieveiligheid en privacy worden op het laagst mogelijke niveau vastgesteld door de verantwoordelijke. Indien het alleen betrekking heeft op één team, dan kan de teammanager dit op het laagste niveau vaststellen. Naar mate dit meer team- en/of domeinoverstijgend is, wordt trapsgewijs opgeschaald naar een hoger gremium. Beleid wordt vastgesteld door het college. 13.. De gemeente gaat op een veilige manier om met persoonsgegevens en respecteert de privacy van betrokkenen. De gemeente houdt zich hierbij aan de volgende beginselen: Rechtmatigheid, behoorlijkheid, transparantie Persoonsgegevens worden in overeenstemming met de wet en op behoorlijke en zorgvuldige wijze verwerkt. Grondslag en doelbinding De gemeente zorgt ervoor dat persoonsgegevens alleen voor welbepaalde, uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigde doelen worden verzameld en verwerkt. Persoonsgegevens worden alleen met een rechtvaardige grondslag verwerkt. Dataminimalisatie De gemeente verwerkt alleen de persoonsgegevens die minimaal noodzakelijk zijn voor het vooraf bepaalde doel. De gemeente streeft naar minimale gegevensverwerking. Waar mogelijk worden minder of geen persoonsgegevens verwerkt. Bewaartermijn Persoonsgegevens worden niet langer bewaard dan nodig is. Het bewaren van persoonsgegevens kan nodig zijn om de gemeentelijke taken goed uit te kunnen oefenen of om wettelijke verplichtingen te kunnen naleven. Integriteit en vertrouwelijkheid De gemeente gaat zorgvuldig om met persoonsgegevens en behandelt deze vertrouwelijk. Persoonsgegevens worden alleen verwerkt voor het doel waarvoor deze gegevens zijn verzameld. Daarbij zorgt de gemeente voor passende beveiliging van persoonsgegevens. Delen met derden In het geval van samenwerking met externe partijen, waarbij sprake is van gegevensverwerking van persoonsgegevens, maakt de gemeente afspraken over de eisen waar gegevensuitwisseling aan moet voldoen. Deze afspraken voldoen aan de wet. De gemeente houdt toezicht op naleving van deze afspraken. Subsidiariteit Voor het bereiken van het doel waarvoor de persoonsgegevens worden verwerkt, wordt inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van de betrokken burger zoveel mogelijk beperkt. Proportionaliteit De inbreuk op de belangen van de betrokkene mag niet onevenredig zijn in verhouding tot en met de verwerking te dienen doel. Rechten van betrokkenen De gemeente respecteert de rechten van de betrokkene die betrokkene toekomt vanuit de AVG, zoals het recht van: inzage, dataportabiliteit, rectificatie, beperking van de gegevensverwerking, wissing van persoonsgegevens, intrekken van de toestemming en bezwaar.

Rechtspraak bij dit artikel