Aanleiding
De verordening participatie schoolgaande kinderen dient ter ondervanging van
toenemende kosten, als gevolg van het hebben van naar school gaande kinderen. Hiermee wordt getracht te voorkomen dat kinderen de negatieve gevolgen van de beperkte financiële middelen van hun ouders/verzorgers ervaren. De praktijk leert ons dat kinderen vanaf ongeveer 8 jaar les krijgen waarbij het gebruik van een computer aan de orde komt. Daarom is de leeftijd voor het aanvragen van een vergoeding voor de kosten van de computer en het gebruik ervan verlaagd van 12 jaar (voortgezet onderwijs) naar 8 jaar.
Doelgroep
Gezinnen die:
· ten laste komende kinderen hebben in de leeftijd van 8 tot 18 jaar die naar school gaan.
Bijzonderheden
Met het begrip ‘computer’ worden de synoniemen ‘laptop’, ‘notebook’ , tablet’ en een ‘PC’ verstaan inclusief toetsenbord, muis en beeldscherm. Voor het vaststellen van de hoogte van de bijzondere bijstand wordt verwezen naar de Prijzengids van het Nibud waarbij uitgegaan wordt van de goedkoopste voorziening. Een computer wordt maximaal eenmaal in de vijf jaar toegekend (afschrijftermijn conform Nibud).
Een tegemoetkoming in de kosten van het gebruik van een computer wordt toegekend voor de duur dat betrokkene aan de gestelde voorwaarden voldoet. Wanneer het jongste kind de leeftijd van 18 jaar bereikt wordt de tegemoetkoming beëindigd. Onder gebruikskosten valt: internetverbinding, inktcartridge, papier. Wanneer men beschikt over een internetabonnement is dit voldoende ‘bewijslast’ om de bijstand voor de bovengenoemde periode ‘rechtmatig’ te betalen.
In principe wordt per huishouden voor maximaal 1 computer en printer bijzondere bijstand verstrekt.
1. Het inkomen en/of uitkering van de ouders moet op het moment van aanvragen gelijk zijn aan of lager dan 110% van het geldende sociaal
minimum
2. De doelgroep is beperkt tot gezinnen die ten laste komende kinderen hebben in de leeftijd van 8 tot 18 jaar die naar school gaan.
3. De tegemoetkoming voor een computer (laptop is goedkoopst adequate voorziening) bedraagt maximaal € 450,00
4. De tegemoetkoming voor een printer bedraagt maximaal € 70,00
5. De tegemoetkoming voor de gebruikskosten bedragen maximaal € 24,00 per maand
6. Er wordt per huishouden maximaal voor 1 computer en printer bijzondere
bijstand verstrekt
7. Een computer wordt in principe maximaal eenmaal in de vijf jaar toegekend
Deel 2
Artikel 2.2
Verordening participatie schoolgaande kinderen: Kosten computer en het gebruik ervan
Onderdeel van Beleidsuitvoeringsplan bijzondere bijstand en minimabeleid 2017