Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1:

Artikel 3

Nadere regels

Onderdeel van Algemene verordening ondergrondse infrastructuren Venlo

Het college is bevoegd krachtens deze verordening nadere regels te stellen. Deze nadere regels hebben betrekking op: openbare orde en veiligheid; het tijdstip, de plaats en de wijze van uitvoering van werkzaamheden; het bevorderen van het medegebruik van voorzieningen; het voorkomen of beperken van schade of overlast, waaronder mede verstaan wordt debescherming van eventuele archeologische vondsten, van groenvoorzieningen en van het uiterlijke aanzien van de omgeving; ordening, planning en coördinatie van werkzaamheden (met betrekking tot instandhouding geldt hebben, houden, onderhouden, exploitatie inclusief het nemen van maatregelen, waaronder het verplaatsen); de te verstrekken gegevens alsmede over de wijze waarop die dienen te worden verstrekt. het in rekening brengen van de kosten voor herstel, beheer, onderhoud en degeneratie van de openbare ruimte die het rechtstreekse gevolg zijn van uitgevoerde werkzaamheden; het herstellen van bijzondere bestrating; de omgang met kabels en/of leidingen in verontreinigde gronden, rond watergangen en groenvoorzieningen, en op verhardingen boven kabels en/of leidingen; grondgebied waarop de bepalingen inzake werkzaamheden van niet ingrijpende aard en/of spoedeisende werkzaamheden niet van toepassing zijn.

Rechtspraak bij dit artikel