Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2:

Artikel 2

Artikel 2

Onderdeel van Beleid zonnepaneelvelden gemeente Ooststellingwerf

1.. Een toestemming voor een zonnepaneelveld in het landelijk gebied wordt alleen verleend voor een veld: op gronden in aansluiting op bestaand stedelijk gebied van een dorp als onderdeel van een uitbreiding, of in de directe omgeving van bestaand stedelijk gebied, onder voorwaarde dat het veld een redelijke aansluiting heeft of krijgt op de stedelijke samenstelling van een dorp; of op gronden binnen een bouwperceel van een bestaand bedrijf, van een bestaande maatschappelijke voorziening of van een bestaande woning, onder voorwaarde dat het op te stellen vermogen is gericht op de energievraag die samenhangt met de bestaande bestemming van dat perceel; of op gronden met een bestemming voor bestaande nutsvoorzieningen of voor infrastructuur voor weg-, spoor-, water- en vliegverkeer, voor zover het geen historische infrastructuur betreft, zoals benoemd en aangewezen in de Structuurvisie Grutsk op ‘e Romte; of op gronden die deel uitmaken van de ecologische hoofdstructuur of zijn aangewezen als natuurgebieden buiten de ecologische hoofdstructuur op de kaart Natuur van de Verordening Romte Fryslân 2014, alleen voor zover het veld voor wat betreft functie en vermogen is gericht op de energiebehoefte die samenhangt met het fysieke beheer en onderhoud van dat natuurgebied. 2.. In afwijking van artikel 2, lid 1., onder a. kan een toestemming voor een zonnepaneelveld worden verleend voor een veld op gronden die niet aansluiten op bestaand stedelijk gebied, onder voorwaarde dat aangetoond wordt dat deze naar redelijk verwachting van de gemeente en provincie binnen tien jaar onderdeel is van de stedelijke woon- of werkuitbreiding of daarop zal aansluiten. 3.. In afwijking van artikel 2, lid 1., onder c., is een zonnepaneelveld op historische infrastructuur mogelijk, onder voorwaarde dat het veld in omvang beperkt blijft, de historische en landschappelijke kwaliteiten voorop blijven staan en de specifieke behoefte om een veld aan te leggen en/of te bouwen op die plaats is onderbouwd. 4.. Bij toepassing van artikel 2, lid 1. onder a., lid 2. en lid 3. wordt in de toelichting op de toestemming een onderbouwing opgenomen voor de plaats en de omvang van het veld op grond van: de gemeentelijke ambitie voor zonne-energie; de daaraan verbonden analyse van en visie op mogelijkheden binnen en buiten bestaand bebouwd gebied; de energiebehoefte van een dorp, of van enkele samenwerkende dorpen en de mogelijkheid van participatie van bewoners; en aard en schaal van een dorp. 5.. Bij toepassing van artikel 2, lid 1, lid 2 en lid 3 wordt in de toelichting op de toestemming een onderbouwing opgenomen voor de inpassing binnen de landschappelijke en cultuurhistorische kernkwaliteiten en wordt een ruimtelijk inrichtingsplan opgesteld, waarvan de uitvoering zo nodig als voorwaardelijke bepaling in de toestemming is opgenomen.

Rechtspraak bij dit artikel