Naar hoofdinhoud
6.1. Gesubsidieerde reguliere peuterplaats De subsidie omvat 7 uur per week, verdeeld over twee dagen, gedurende maximaal 40 weken per jaar, met een maximum van 280 uur per kalenderjaar en per peuterplaats. De subsidie wordt berekend op basis van het aantal uur dat een kind peuteropvang afneemt in een jaar. De subsidie wordt berekend op basis van het in dat jaar geldende kinderopvangtoeslagtabel van het Rijk. Er geldt een maximum uurtarief dat het Rijk jaarlijks vaststelt. 6.2. Voor- en Vroegschoolse Educatie (VVE) De subsidie omvat minimaal 10 uur per week en maximaal 14 uur per week, verdeeld over twee dagen, gedurende 40 weken per jaar. Voor de eerste 7 uur VVE wordt dezelfde berekeningssytematiek gehanteerd als bij de subsidie voor de reguliere peuterplaats onder artikel 6.1. Voor de aanvullende 3 tot 7 uur wordt 110% van het maximum uurtarief (jaarlijks vastgesteld door het Rijk) door de gemeente vergoed. 6.3.1. Het subsidiebedrag wordt, als een voorschot van 75%, in vier termijnen, binnen 14 dagen na de start van elk kwartaal overgemaakt. 6.32. Bij grote wijzigingen (door bijvoorbeeld opheffen of overnemen van een locatie) wordt door de kinderopvangorganisatie een herziene aanvraag ingediend. Naar aanleiding daarvan ontvangt de kinderopvangorganisatie een herziene beschikking.

Rechtspraak bij dit artikel