Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk › Paragraaf

Artikel 3.

Vervoersvoorziening naar de dichtstbijzijnde passende school

Onderdeel van Verordening Leerlingenvervoer Gemeente Amsterdam

1.. Een vervoersvoorziening wordt toegekend over de afstand tussen de woning en de dichtstbijzijnde voor de leerling passende school, tenzij vervoer naar een verder weggelegen school voor de gemeente minder kosten met zich mee zou brengen en de ouders met het vervoer naar die school schriftelijk instemmen. 2.. Indien ouders een vervoersvoorziening aanvragen voor het bezoeken van een school, die op grotere afstand van de woning is gelegen dan een andere school van dezelfde onderwijssoort, ontstaat slechts aanspraak op een vervoersvoorziening naar eerstgenoemde school als door de ouders schriftelijk wordt verklaard dat zij overwegende bezwaren hebben tegen het openbaar onderwijs dan wel tegen de richting van het onderwijs van alle bijzondere scholen, van de soort waarop de leerling is aangewezen, die dichterbij de woning zijn gelegen. 3.. Het college betrekt bij de beoordeling van de aanvraag voor leerlingenvervoer eventuele (vervoers)adviezen van deskundigen die voor de beoordeling van die aanvraag van belang zijn. Aangemerkt als deskundigen in de zin van deze Verordening zijn in ieder geval: de samenwerkingsverbanden passend onderwijs. de commissie van begeleiding van de school. 4. . Ouders of meerderjarige leerlingen die op grond van de verordening leerlingenvervoer 2014 Weesp voor 1 augustus 2022 reeds aanspraak maakten op een bekostiging leerlingenvervoer evenals eventuele zusjes/broertjes van die leerling, zijn uitgezonderd van toepassing van het in het eerste lid bedoelde criterium dat een vervoersvoorziening alleen wordt toegekend over de afstand tussen de woning en de dichtstbijzijnde voor de leerling passende school.

Rechtspraak bij dit artikel