Het college kan op basis van artikel 10a van de wet een participatieplaats en scholing aanbieden aan degene die algemene bijstand ontvangt.
Voor zover de persoon niet beschikt over een startkwalificatie, wordt binnen 6 maanden na aanvang van de onbeloonde additionele werkzaamheden door het college bekeken in hoeverre scholing of opleiding kan bijdragen aan vergroting van de kans op inschakeling in het arbeidsproces.
Het college verstrekt aan degene die algemene bijstand ontvangt en onbeloonde additionele werkzaamheden verricht conform artikel 10a, zesde lid van de wet een premie van telkens maximaal 15% van het bedrag genoemd in artikel 31 lid 2 sub j, per 6 maanden.
De premie is afhankelijk van het gemiddelde aantal uren dat per week is gewerkt, waarbij voor een gemiddeld aantal uren van 24 per week de maximale premie wordt verleend. Indien minder uren per week is gewerkt, wordt de premie lager vastgesteld. De premie wordt geweigerd indien de aan de additionele werkzaamheden verbonden verplichtingen worden geschonden of niet worden nagekomen.
Het college kan ter uitvoering van lid 3 en 4 nadere beleidsregels vaststellen.
Hoofdstuk 4
Artikel 17
Participatieplaats
Onderdeel van Re-integratieverordening gemeente Emmen 2015