Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Werkwijze

Onderdeel van Verordening rekenkamercommissie Tholen 2011

1.. De rekenkamercommissie is belast met en verantwoordelijk voor de uitvoering, begeleiding en sturing van het onderzoek volgens de door haar vastgestelde onderzoeksopzet. 2.. De rekenkamercommissie beoordeelt of het wenselijk is de raad tussentijds te informeren. 3.. De rekenkamercommissie is bevoegd bij alle leden van het gemeentebestuur en bij alle ambtenaren de mondelinge en schriftelijke inlichtingen in te winnen die zij nodig heeft voor de uitvoering van onderzoeken. De leden van het gemeentebestuur en de ambtenaren van de gemeente zijn verplicht de gevraagde inlichtingen binnen de door de commissie gestelde termijn te verstrekken. 4.. De rekenkamercommissie is verder bevoegd bij de openbare lichamen en gemeenschappelijke organen op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen waarin de gemeente deelneemt de mondelinge en schriftelijke inlichtingen in te winnen die zij nodig heeft voor de uitvoering van onderzoeken. De leden van de openbare lichamen / gemeenschappelijke organen en de ambtenaren van de gemeenschappelijke regelingen zijn verplicht de gevraagde inlichtingen binnen de door de commissie gestelde termijn te verstrekken. 5.. De rekenkamercommissie vergadert zovaak als zij nodig acht, ter bespreking van procedurele en inhoudelijke aspecten van het onderzoek. 6.. De rekenkamercommissie vergadert in beslotenheid, haar rapporten zijn openbaar. Op grond van de belangen genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur kan de rekenkamercommissie rapporten die aan de raad worden voorgelegd of gedeelten daarvan als geheim aanmerken. 7.. De rekenkamercommissie kan openbare informatieve vergaderingen beleggen. 8.. Voor de uitvoering van het onderzoek kan de rekenkamercommissie, met inachtneming van het beschikbare budget, externe personen of bureaus inschakelen. 9.. De rekenkamercommissie stelt de betrokkenen in de gelegenheid om binnen een door haar te stellen termijn, die ten minste twee weken bedraagt, hun zienswijze op het conceptonderzoeksrapport aan de rekenkamercommissie kenbaar te maken. Betrokkenen zijn degenen wier taakuitvoering (mede) voorwerp van onderzoek is of is geweest. De rekenkamercommissie bepaalt verder wie verder als betrokkenen worden aangemerkt. 10.. Na vaststelling door de rekenkamercommissie worden het onderzoeksrapport en de nota met conclusies en aanbevelingen en de zienswijze van betrokkenen op het rapport zo spoedig mogelijk, onder toezending van een afschrift aan het college en betrokkenen, aan de raad aangeboden.

Rechtspraak bij dit artikel