Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 6

Artikel 6.4

Vaststellen hoogte persoonsgebonden budget diensten

Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Montferland 2017

1.. De hoogte van een persoonsgebonden budget wordt vastgesteld op het aantal geïndiceerde uren dan wel een tijdseenheid naar rato daarvan of het aantal geïndiceerde dagdelen of etmalen in natura. 2.. De hoogte van een persoonsgebonden budget, niet zijnde Beschermd Wonen, bedraagt niet meer dan het maximum van de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst passende bijdrage. 3.. Voor de goedkoopst passende bijdrage als bedoeld in het vorige lid stelt het college in het Besluit gedifferentieerde tarieven vast rekening houdend met: ondersteuners die bij een professionele organisatie werken; ondersteuners die werkzaam zijn als zelfstandig werkend ondernemer en degenen die niet als zodanig worden aangemerkt; en personen die behoren tot het sociaal netwerk van de cliënt, waarbij geldt dat de tarieven onder b. in ieder geval lager zijn dan de tarieven onder a. en de tarieven onder c. In ieder geval lager zijn dan de tarieven onder b. 4.. Het college stelt nadere regels in het Besluit over de gedifferentieerde tarieven, rekening houdend met kosten als bedoeld in artikel 14.5 van de verordening, waarbij een percentage geldt van het tarief als bedoeld in het tweede lid. Indien het persoonsgebonden budget wordt besteed aan personen uit het sociaal netwerk kan het college (ook) een gemaximeerd tarief vaststellen. 5.. Het persoonsgebonden budget is toereikend om geïndiceerde maatwerkvoorziening in te kunnen kopen welke naar oordeel van het college voldoet aan de kwaliteit met betrekking tot het doel (resultaat) waarvoor het persoonsgebonden budget wordt verleend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel