Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 9

Getuigen en deskundigen

Onderdeel van Verordening regelende het onderzoek door de raad 2002

1.. Een getuige en deskundige die door de onderzoekscommissie wordt gehoord, is niet tevens lid van de onderzoekscommissie. 2.. De getuigen zijn verplicht een getuigenis af te leggen. 3.. De deskundigen zijn verplicht hun diensten onpartijdig en naar beste weten als zodanig te verlenen. 4.. De getuigen of deskundigen dienen de oproeping als bedoeld in artikel 155d, lid 1, van de Gemeentewet tenminste drie dagen voor de dag van het verhoor te ontvangen. 5.. De verhoren van getuigen en deskundigen worden door de commissie gehouden op de plaats, waar zij zulks het meest wenselijk oordeelt. 6.. De schriftelijke aantekening van de afgelegde verklaringen of gegeven berichten wordt aan de getuigen of deskundigen voorgelezen of ter inzage verstrekt en door dezen ondertekend. 7.. De commissie kan ter voorbereiding op de openbare verhoren informatieve gesprekken voeren in beslotenheid. 8.. Indien de behoorlijk opgeroepen getuige of deskundige niet verschijnt, wordt daarvan een proces-verbaal opgemaakt, hetwelk een nauwkeurige omschrijving van de oproeping behelst en door de aanwezige leden der commissie wordt ondertekend. 9.. Wanneer een getuige of deskundige, hetzij vrijwillig, hetzij op de oproeping verschenen of door de openbare macht gebracht zijnde, weigert te antwoorden, of de eed of de belofte af te leggen, wordt daarvan proces-verbaal opgemaakt, hetwelk de redenen van de weigering, zo die gegeven zijn, inhoudt, en door de aanwezige leden van de commissie wordt ondertekend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel