De bewoner kan zijn eenmaal gegeven toestemming op elk moment intrekken. Vanaf dat moment bevindt men zich zonder toestemming van de bewoner in de woning en dient men de woning te verlaten. Wordt dit niet gedaan dan verblijft men wederrechtelijk in de woning en pleegt men een ambtsmisdrijf (ambtelijke huisvredebreuk) in de zin van artikel 370 Wetboek van Strafrecht.
De belanghebbende dient duidelijk te worden gemaakt dat de intrekking van de toestemming voor het huisbezoek gevolgen heeft voor het recht op of de hoogte van de bijstand. In de besluitvorming die volgt op de weigering om verder mee te werken aan het huisbezoek, moet de gemeente aannemelijk maken, dat betrokkene zijn eenmaal gegeven toestemming heeft ingetrokken. Het is dus belangrijk om belanghebbende op de “Verklaring voor toestemming huisbezoek” te laten tekenen voor intrekking van de toestemming.