In deze regeling wordt verstaan onder:
passieve amateurkunstbeoefening: het als toeschouwer bijwonen en beleven van een presentatie van een amateurvereniging;
actieve amateurkunstbeoefening: het als amateur, dus niet zijnde een gediplomeerd professional, deelnemen en actief meedoen aan een presentatie of repetitie;
amateurkunstinstellingen: stichtingen of verenigingen of initiatieven met als doel een bepaalde amateurkunstdiscipline te beoefenen;
(semi)-professionele organisaties: rechtspersonen die als professional te werk gaan in de kunstbeoefening of die naast amateurleden een professioneel, betaald kader hebben.
Artikel 1.