**1..** Een monument, al dan niet op een grafkelder geplaatst, dient een lengte te hebben van 200 cm. De breedte van een enkel monument mag ten hoogste 95 cm en die van een dubbel monument ten hoogste 190 cm bedragen. De maximumhoogte is 120 cm.
**2..** Een monument, dat niet op een grafkelder wordt geplaatst moet worden gefundeerd op een funderingsplaat van gewapend beton ter dikte van 6 cm. Deze plaat zal op vier hoeken moeten rusten op stiepen, reikende met de onderkant tot op de ongeroerde grond. De afmetingen van deze plaat moeten gelijk zijn aan de buitenomtrek van het te plaatsen monument, terwijl de zijkanten van deze plaat strak en haaks moeten worden afgewerkt. De letterplaat moet gedookt worden met roestvrije massieve metalen doken rond 1 cm en 8 cm lang. Bij de plaatsing van een staande steen kan worden volstaan met drie stiepen, terwijl bij de plaatsing van een dubbel monument zes stiepen moeten worden aangebracht.
**3..** Op de particuliere urnengraven mogen staande, liggende – en combinaties van staande en liggende grafstenen worden geplaatst. Een liggende steen wordt onder een helling gelegd, zodanig dat het voorste plint 3 cm beneden het maaiveld ligt en het achterste gedeelte met de onderkant gelijk met het maaiveld komt te liggen. Bij een combinatie van staand en liggend ligt de liggende zerk vlak en de onderzijde van de plinten gelijk met het maaiveld. De grafstenen genoemd in dit lid mogen onderling van steensoort verschillen. Voor grafbedekkingen met afwijkende vormen en materialen, zoals bijvoorbeeld kunstwerken en zwerfkeien moet vooraf aan vergunningaanvraag met de beheerder worden overgelegd;
Voor de maten van deze grafbedekkingen gelden dezelfde afmetingen als op Selwerderhof zoals vermeld in artikel 11 van deze nadere regels.
**4..** De afmetingen van grafbedekkingen van particuliere kindergraven bepaalde tijd op de begraafplaatsen te Hoogkerk en Noorddijk mogen bedragen:
van de grafzerken breedte tot 60 cm en lengte 100 tot 120 cm; dekplaat 4 tot 6 cm dik. De grafzerken moeten worden aangebracht onder een helling van één op 20 en wel zodanig, dat de hoogte aan de voorzijde, met inbegrip van de dikte van de zerk, 10 cm boven het maaiveld bedraagt;
van de grafstenen breedte tot 60 cm, hoogte 50 tot 60 cm en dikte 4 tot 6 cm;
van de grafbedekkingen breedte tot 60 cm, lengte 100 tot 120 cm; letterplaat als genoemd onder b; helling en hoogte als genoemd onder a; dikte dekplaat 3 tot 5 cm.
**5..** De in het vorige lid, onder a, b en c genoemde grafbedekkingen mogen door elkaar worden geplaatst.
HOOFDSTUK 5.
Artikel 22.
Grafbedekkingen
Onderdeel van NADERE REGELS BEHEERSVERORDENING GEMEENTELIJKE BEGRAAFPLAATSEN GEMEENTE GRONINGEN 2018