**1..** Het is verboden zonder of in afwijking van een vergunning een weg aan te leggen, de verharding daarvan op te breken, in een weg te graven of te spitten, aard of breedte van de wegverharding te veranderen of anderszins verandering te brengen in de wijze van aanleg van een weg.
**2..** De vergunning wordt verleend
als omgevingsvergunning door het bevoegd gezag, indien de activiteiten zijn verboden bij een bestemmingsplan, beheersverordening, exploitatieplan of voorbereidingsbesluit;
door het college in de overige gevallen.
**3..** De vergunning wordt geweigerd als één van de weigeringsgronden, zoals genoemd in artikel 1:8 van deze verordening, van toepassing is.
**4..** Het verbod geldt voorts niet voor zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door het Wetboek van Strafrecht, de Wet beheer rijkswaterstaatswerken, Omgevingsverordening Limburg 2014 (provinciale wegen), de Waterschapskeur en de Telecommunicatiewet.
**5..** Op de vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing.
HOOFDSTUK 2. › AFDELING 5.
Artikel 2:11