Als het bedrag van de belasting had behoren te zijn vastgesteld op een bedrag dat tenminste € 10,- per belastingaanslag lager is dan het te hoog vastgestelde bedrag van die belasting, verleent de heffingsambtenaar ambtshalve de vermindering waarvoor de belanghebbende redelijkerwijs in aanmerking komt, als:
a. een bezwaarschrift of een verzoekschrift niet-ontvankelijk wordt verklaard door het te laat indienen daarvan of om andere formele redenen, of
b. uit enig feit blijkt dat een belastingaanslag tot een te hoog bedrag is vastgesteld en deze aanslag bij afweging van de betrokken belangen in redelijkheid niet gehandhaafd kan worden.
Artikel 2
Gevallen waarin ambtshalve vermindering wordt verleend
Onderdeel van Beleidsregels ambtshalve vermindering gemeentelijke belastingen